donderdag 26 april 2018

Voeren: 1.300 everzwijnen in Limburg (25 september 2012)

"Landbouwers in de provincie Limburg maakten de voorbije week melding van minstens 40.000 euro schade aan hun weiden en gewassen", zegt Koen Vanheukelom van Boerenbond Limburg. "Ook de (verkeers)veiligheid van de inwoners en recreanten is in gevaar”, benadrukt burgemeester Huub Broers van Voeren. Het aantal everzwijnen neemt sterk toe. Hun precieze aantal is moeilijk in te schatten, maar een recente studie van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) geeft aan dat er op Limburgse bodem zo’n 1.300 rondlopen. Volwassen everzwijnen werpen ongeveer 2 keer per jaar een zestal biggen en planten zich dus snel voort. Wil men de populatie in toom houden, dan moet men voor elk niet geschoten everzwijn volgend jaar 2,3 everzwijnen schieten. Dezelfde INBO-studie geeft aan dat er jaarlijks in de provincie Limburg een 700-tal everzwijnen geschoten moeten worden wil men de populatie niet verder laten toenemen. Aangezien dit aantal ook dit jaar niet gehaald wordt schiet de populatie verder de hoogte in, en zal men volgend jaar meer dan 1.300 everzwijnen moeten schieten.

Samen met de stijging van de everzwijnenpopulatie nemen ook de problemen toe. Op 2 weken tijd kwamen bij de Boerenbond een 20-tal meldingen binnen van schade door everzwijnen aan teelten en grasland. Een areaal, groter dan 60 voetbalvelden, werd dit najaar al grotendeels vernield met zware economische verliezen tot gevolg. In een eerste raming schat Boerenbond het verlies van de voorbije week op 40.000 euro, wat ongetwijfeld nog zal oplopen vermits nog niet alle schade gemeld is. Gemeentelijke schattingscommissies moeten op het terrein het exacte verlies bepalen.

Het is duidelijk dat, daar waar de problemen zich vroeger slechts op enkele locaties voordeden, de everzwijnenpopulatie (en dus ook de schade) sterk toeneemt in de hele provincie. Dit blijkt ook uit de herkomst van de meldingen (o.a. Voeren, Bilzen, Lanaken, Diepenbeek, Leopoldsburg, Hechtel-Eksel, Hamont-Achel, Maaseik, Meeuwen-Gruitrode en Houthalen-Helchteren).

Boerenbond eist dat het probleem aangepakt wordt, daar waar het zich stelt: in de natuurgebieden. De meeste natuurgebieden zijn niet bejaagbaar en zijn dus een veilig schuiloord voor de evers van waaruit ze probleemloos schade aanrichten in het omliggend landbouwgebied.

Naast de economische schade voor de landbouw neemt ook het onveiligheidsgevoel bij de inwoners en recreanten toe. Er gebeurden in het recente verleden al enkele verkeersongevallen waarbij wagens inreden op één of meerdere evers. Vandaar dat ook steeds meer Limburgse burgemeesters vragen om een kordate aanpak. In de gemeente Voeren wijst burgemeester Broers ook op het gevaar dat recreanten lopen als ze zich in de onmiddellijke omgeving van everzwijnen bevinden, zeker als die kleine biggen hebben. Maar ook de landbouwers lopen gevaar als ze vaststellingen doen in hun percelen.

De huidige Vlaamse jachtwetgeving blijkt onvoldoende krachtig om het aantal everzwijnen in te perken. Steeds meer jagers zijn van mening dat ze geen vat hebben op de populatie everzwijnen, net omwille van de wetgeving.

Boerenbond vraagt dan ook aan de bevoegde minister, Joke Schauvliege, om de jagers snel alle middelen te geven die ze nodig hebben, en dus de nodige afwijkingen op de huidige regelgeving toe te staan. Als dit alles niet volstaat en als de plaatselijke jagers aangeven dat ze het probleem niet onder controle krijgen, dan vindt de landbouworganisatie dat de minister zelf bovenlokale hulp moet organiseren, bijvoorbeeld door het inzetten van een groep externe premiejagers.

Bekijk alle artikels uit Voeren